De grond in Texel
Texel kent twee hoofdgrondsoorten, duinzand langs de westkust bij de Noordzee en drooggelegde kleipolders in het binnenland, ooit gewonnen op de Waddenzee. De wind staat hier vrijwel altijd stevig, van beide kanten van het eiland, en brengt zoute nevel mee die verder landinwaarts minder voorkomt. Dat maakt windvaste, zouttolerante beplanting op Texel meer regel dan uitzondering.
Kernen en wijken
- Den Burg
- De Koog
- Oudeschild
- De Cocksdorp
Tuinaanleg op Texel
In De Koog, direct achter de duinen, kiezen we bij tuinaanleg vrijwel altijd voor windvaste beplanting die tegen zilte lucht kan.
In Den Burg, het centrale dorp verder van de kust, is er meer ruimte voor een gevarieerder beplantingsplan met minder windgevoelige soorten.
Tuinonderhoud tegen wind en zout
Bij tuinonderhoud spoelen we bladeren na een stormachtige periode weleens af, om zoutschade te beperken voordat die zichtbaar wordt.
Een haag als windkering aan de kant van de overheersende wind beschermt de rest van de tuin en vraagt op Texel bijna altijd extra aandacht.
Wat de eilandgrond vraagt
Het duinzand bij De Koog en De Cocksdorp laat water snel weglopen, wat in de zomer om extra water geven vraagt. De kleipolders in het binnenland houden water juist lang vast.
We passen de grondverbetering per tuin aan op de bodemsoort die op die plek van het eiland voorkomt.
Bomen en hagen op Texel
Bomen op het open eiland groeien vaak schever door de aanhoudende wind, wat we bij nieuwe aanplant meewegen in de plek van planten. Bij snoeien houden we de kroon in balans om windschade te beperken.
Hagen rond erven, vaak van meidoorn of liguster, dienen op Texel al generaties lang als beschutting voor tuin en vee.
Tuinrenovatie op het eiland
Een verouderde tuin op Texel vraagt bij tuinrenovatie vaak om een steviger windscherm dan op het vasteland gebruikelijk is.
Bestrating leggen we hier met een verdichte fundering aan, omdat los duinzand onder een terras eerder kan verzakken.
