Polder
Polder is een stuk laag land dat door dijken van het omringende water is afgesloten en waarvan het waterpeil kunstmatig op hoogte wordt gehouden.
Een polder is ontstaan doordat land werd ingedijkt en vervolgens drooggemalen, waardoor de bodem lager kwam te liggen dan het water eromheen. Zonder voortdurend bemalen zou een groot deel van die grond weer onder water lopen.
Bekende voorbeelden zijn de Beemster, de Haarlemmermeer, de Flevopolders en de Zuidplaspolder, met ruim zes meter onder NAP een van de laagste punten van Nederland. Een waterschap houdt het waterpeil in elke polder binnen een vastgestelde marge, het polderpeil.
Voor een tuin in een polder betekent dat een grondwaterstand die minder wisselt dan op hogere zandgrond, maar ook een bodem die vaak uit zeeklei of veen bestaat en dus gevoelig is voor inklinking. Aan de rand van een polder speelt bovendien vaker kwel een rol.
Werk dat het waterpeil raakt, zoals een vijver die op het grondwater aansluit, valt in een polder al snel onder de regels van het waterschap.
Veelgestelde vragen
Wie bepaalt het waterpeil in een polder?
Het waterschap dat de polder beheert, stelt het polderpeil vast en houdt het via gemalen binnen een bandbreedte, ook als het weer sterk wisselt.
Is de bodem in elke polder hetzelfde?
Nee. Sommige polders liggen op zeeklei, andere op veen, en dat bepaalt hoe gevoelig de grond is voor inklinking en hoeveel onderhoud een tuin op termijn vraagt.